Tips voor collega’s bij agressie of geweld

Als partner, vriend, familielid of collega kunt u veel betekenen voor iemand die slachtoffer is geworden van agressie of geweld. Lees hier hoe.

Voorafgaand aan een incident

  • Inventariseer risicosituaties
    Bespreek voorafgaand aan het werk mogelijke lastige gesprekken of situaties die tijdens jullie dienst kunnen voorvallen. Waar hebben jullie elkaar nodig? En hoe wilt u dat uw collega u ondersteunt?
  • Laat weten waar u bent
    Heeft uw collega een lastig gesprek of loopt hij een gedeelte van de wijk of buurt af? Laat elkaar weten waar jullie zijn en hoe jullie elkaar kunnen bereiken. Zorg dat u elkaar snel kunt bereiken, vooral als u in de openbare ruimte werkt.
  • Loop langs en laat weten dat uw collega niet alleen is
    Wanneer u ziet dat uw collega in een risicovolle situatie terecht is gekomen, loop dan naar hem toe en probeer te de-escaleren door de aandacht af te leiden met een onschuldige vraag. Hierdoor kan de mogelijke dader de aandacht op zijn frustratie verliezen en krijgt uw collega de ruimte om een nieuwe communicatiestrategie in te zetten. Dit werkt overigens alleen bij frustratie- of instrumentele agressie.

Tijdens een incident

  • Meld het incident bij de beveiliging
    Misschien is uw collega niet in staat om op de meld- of paniekknop te drukken. Druk op de paniekknop voor hem of laat op andere wijze (e-mail, sms) de beveiliging of andere collega’s weten dat uw collega in een risicosituatie verkeert.
  • Vorm een fysieke meerderheid
    Overwicht zit vaak in getallen. Een dader van agressie zal zich zwakker voelen wanneer hij in de minderheid is. Steun uw collega door getalsmatig een meerderheid te vormen.
  • Neem een neutrale positie in
    In het geval van frustratie of instrumentele agressie, kunt u vaak de situatie sussen door begrip te tonen voor de dader. Ga op zoek naar een gezamenlijk doel voor uw collega en de dader in de situatie. Het ordegesprek komt later wel met jullie leidinggevende.

Na een incident

  • Geef erkenning
    Het is belangrijk om te erkennen wat iemand heeft meegemaakt. Ongeacht of het een meer of minder ernstige gebeurtenis is, de getroffene heeft er last van. Vermijd daarom sensatie en flauwe grappen. Toon belangstelling en begrip en geef serieuze aandacht, ook in de weken en maanden erna. Geef mensen ook de gelegenheid en ruimte om uit zichzelf het verhaal te vertellen.
  • Geef alleen juiste informatie
    Collega’s die er niet bij zijn geweest, zijn niet altijd van alle details van het incident op de hoogte. Soms kunnen ze aan derden (andere collega’s of externen) verkeerde informatie geven over wat er gebeurd is. Dit kan veel ergernis opleveren bij de slachtoffers. Het is van belang dat collega´s alleen vertellen wat er feitelijk gebeurd is. Als ze dat niet weten, moeten ze niet tegen derden gaan gissen, zodat er onjuiste verhalen in de wereld komen.
  • Help met het zoeken naar afleiding
    Stimuleer iemand om zich weer voor dingen te interesseren en plannen te maken voor de toekomst. Het helpt als de normale gang van zaken thuis en op het werk weer snel wordt hersteld.
  • Bied praktische hulp als de ander dat nodig heeft
    Hulp bieden betekent niet alleen maar luisteren. Vaak hebben slachtoffers ook behoefte aan praktische steun. Geef een collega bijvoorbeeld een lift naar het werk.
  • Bewaak eigen grenzen
    Bespreek actief met de ander wat hij of zij nodig heeft en daarin van u verwacht. Geef hierbij aan wat u kunt betekenen en waar uw grenzen liggen. Zo voorkomt u misverstanden.
  • Signaleer afwijkend gedrag
    Na een ingrijpende gebeurtenis kan het zijn dat een collega zich anders gedraagt. Bespreek dit met de collega. Maar wees alert dat u dit in geen geval op een beschuldigende toon doet.