Bij een incident

Deze hoofdrubriek bevat 3 rubrieken:

Tips voor slachtoffers

Tijdens een incident

  • Roep hulp in
    Druk op de alarmknop, of roep indien mogelijk de hulp in van collega’s.
  • Roep ‘stop’
    Geef aan dat u zich bedreigd voelt door de dader en geef duidelijk aan dat u wilt dat hij of zij daar mee stopt
  • Blijf communiceren
    Blijf communiceren met de dader. Zorg dat hij zich niet verder verliest in zijn of haar woedeaanval.
  • Neem de kenmerken van de dader op
    Noteer, bijvoorbeeld via een notitie op uw smartphone, de kenmerken van de dader. Denk aan geslacht, leeftijd, lengte, postuur, kleur ogen en haar, accent, tattoos, sieraden of kleding.

Na een incident

  • Meld het incident bij je werkgever
    Meld het voorval in ieder geval altijd bij uw werkgever. Zo krijgt uw baas een breed beeld van de ernst en omvang waarin agressie en geweldsituaties tijdens het werk voorkomen. Veel organisaties hebben een apart registratiesysteem voor agressie- en geweldsincidenten, zoals bijvoorbeeld ARO of GIR. Dat beeld onderstreept het belang van acties die jouw werkgever moet ondernemen zodat u veilig uw werk kunt doen.
    Meer over 'Melden en registreren'
  • Laat uw baas aangifte doen
    U kunt tijd besparen door uw baas aangifte te laten doen. Als slachtoffer moet je uiteraard een verklaring afgeven, maar de rest van het proces wordt door uw werkgever afgehandeld. Veel organisaties hebben dat bij een speciale casemanager belegd die dat voor u kan doen. Voel u niet bezwaard, want uw baas maakt via aangifte ook duidelijk dat agressie tegen zijn medewerkers onacceptabel is.
    Meer over 'Aangifte doen'
  • Zoek afleiding en ontspanning
    Als slachtoffer is het niet erg om met de situatie bezig te zijn, maar richt uw aandacht ook naar buiten door verschillende activiteiten te ondernemen, zoals wandelen, fietsen, muziek maken of het doen van een spelletje. Maak daarbij gebruik van uw eigen levensgeschiedenis: wat doet u normaal om met stress om te gaan?
  • Ga stap voor stap met angst om
    Ga stapsgewijs de confrontatie aan met zaken die te maken hebben met de ingrijpende gebeurtenis en die u nu eng vindt en vermijdt. Zowel op het werk als privé. Probeer de afstand naar het dagelijkse leven niet te groot te laten worden. Het gevoel om weer grip te krijgen op het leven, geeft zelfvertrouwen en controle.
  • Houd het dagelijks ritme vast
    Probeer het dagelijks werkritme vast te houden en doe, als u dat kunt, zoveel mogelijk uw normale werk. Contact met het werk biedt u de gelegenheid om met collega’s te praten over wat u heeft meegemaakt. Zij weten wat u doormaakt en hebben vaak aan een half woord genoeg. Als het niet lukt het werk weer op te pakken, bespreek dit dan met uw leidinggevende. Uw leidinggevende is verantwoordelijk om samen tot een goede oplossing te komen.
  • Beperk het middelengebruik
    Wees voorzichtig met het gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen. Overleg met uw huisarts over de risico’s van het gebruik ervan. Pas ook op met alcohol en drugs.
  • Sluit u niet af voor mensen die belangrijk zijn
    Aarzel niet om zelf contact met mensen te zoeken. Soms vindt uw omgeving het moeilijk om u te benaderen. Mogelijk voelen ze zich ongemakkelijk, maar zijn ze graag bereid naar u te luisteren en u te helpen.
  • Wat verwacht u van uw omgeving?
    Ga eens bij uzelf na wat u van uw omgeving verwacht en wat u nodig heeft. Het kan voor uw familie en vrienden moeilijk zijn om door te hebben waar u precies behoefte aan heeft. Door open te zijn over uw verwachtingen en behoeften, voorkomt u misverstanden.